Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
3.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
4.Beslissing
10 oktober 2023.
Hoge Raad
De zaak betreft een snelheidsovertreding op de Rijksweg A12 waarbij de verdachte werd betrapt op circa 194 km/u waar 130 km/u was toegestaan. Tijdens het hoger beroep verzocht de verdachte om inzage in bodycambeelden van de verbalisanten, omdat hij de feitelijke grondslag van de verklaring wilde betwisten dat hij tegen zijn bijrijder had gezegd de cruisecontrol op 220 km/u te hebben staan.
Het hof Arnhem-Leeuwarden wees dit verzoek af omdat volgens het hof de noodzaak van deze beelden niet was aangetoond en het zich voldoende voorgelicht achtte op basis van de overige dossierstukken. De Hoge Raad oordeelt dat het hof dit verzoek kennelijk en niet onbegrijpelijk heeft opgevat als een verzoek tot voeging van een processtuk, waarbij de maatstaf is of de noodzaak van het gevraagde is gebleken.
De Hoge Raad stelt dat het oordeel van het hof dat de bodycambeelden niet van belang zijn voor de ter terechtzitting te nemen beslissingen niet zonder meer begrijpelijk is, mede omdat de verdachte met deze beelden de verklaring wilde betwisten. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en wijst de zaak terug naar het hof Arnhem-Leeuwarden voor een nieuwe beoordeling en afdoening.
De beslissing is genomen door de vice-president Borgers en raadsheren Caminada en Trotman, uitgesproken op 10 oktober 2023.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug voor hernieuwde beoordeling van het verzoek tot inzage van bodycambeelden.