Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
3.Beoordeling van het vijfde cassatiemiddel
4.Beslissing
21 februari 2023.
Hoge Raad
In deze cassatiezaak tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden staat de strafzaak rondom de Surinameriviermoord centraal. De verdachte werd veroordeeld voor moord, poging tot oplichting van een verzekeringsmaatschappij, het verstrekken van valse gegevens voor uitkering, hypotheekfraude en valselijk opmaken van een kwitantie.
De Hoge Raad beoordeelde meerdere cassatiemiddelen, waaronder klachten over getuigenverzoeken en bewijsklachten. Deze klachten werden verworpen zonder nadere motivering, omdat zij niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. Wel werd geoordeeld dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM Pro was overschreden, mede doordat stukken te laat door het hof waren ingezonden en de cassatie-uitspraak pas na meer dan zestien maanden volgde terwijl de verdachte in voorlopige hechtenis zat.
Als gevolg hiervan vernietigde de Hoge Raad het deel van het arrest dat de duur van de gevangenisstraf betrof en verminderde deze van twintig jaren naar negentien jaar en zes maanden. Het beroep werd voor het overige verworpen. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren in aanwezigheid van de waarnemend griffier.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd van twintig naar negentien jaar en zes maanden wegens overschrijding van de redelijke termijn.