ECLI:NL:HR:2023:421
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt waardering pensioenverplichting in vennootschapsbelasting niet in strijd met EVRM
Belanghebbende, een vennootschap, stelde in cassatie beroep in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden inzake een aanslag vennootschapsbelasting over 2010 en de daarbij gegeven beschikking over heffingsrente.
De kern van het geschil betrof de waardering van pensioenverplichtingen en de hoogte van de rekenrente, waarbij werd aangevoerd dat deze waarderingsvoorschriften in strijd zouden zijn met het door artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM beschermde recht op ongestoord genot van eigendom.
De Hoge Raad verwees naar een gelijktijdig gewezen arrest (ECLI:NL:HR:2023:324) waarin deze klachten werden verworpen. Ook de overige klachten werden beoordeeld en verworpen zonder nadere motivering, omdat deze niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
De Hoge Raad wees het beroep in cassatie af en zag geen aanleiding tot veroordeling in proceskosten. Hiermee blijft de uitspraak van het hof in stand en wordt de belastingaanslag bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt de uitspraak van het hof.