ECLI:NL:HR:2023:457

Hoge Raad

Datum uitspraak
24 maart 2023
Publicatiedatum
23 maart 2023
Zaaknummer
22/03347
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek partneralimentatie op nihil stellen afgewezen door Hoge Raad

In deze zaak heeft de man bij de Hoge Raad cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof Den Haag waarin zijn verzoek om partneralimentatie op nihil te stellen werd afgewezen. De man stelde dat hij onvoldoende gegevens had verstrekt om zijn draagkracht vast te stellen, maar de Hoge Raad oordeelde dat de klachten tegen het hof niet tot vernietiging konden leiden.

De vrouw heeft geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen, waarop de advocaat van de man schriftelijk reageerde. De Hoge Raad vond het niet noodzakelijk om de klachten inhoudelijk te motiveren omdat deze niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

Uiteindelijk heeft de Hoge Raad het beroep verworpen en de beschikking van het hof gehandhaafd, waarmee het verzoek van de man om partneralimentatie op nihil te stellen niet werd toegewezen.

Uitkomst: Het verzoek om partneralimentatie op nihil te stellen wordt afgewezen en het cassatieberoep verworpen.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer22/03347
Datum24 maart 2023
BESCHIKKING
In de zaak van
[de man],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: de man,
advocaat: J.C. Zevenberg,
tegen
[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: de vrouw,
niet verschenen.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikking in de zaak C/09/592105 FA RK 20-2632 van de rechtbank Den Haag van 30 april 2021;
b. de beschikking in de zaken 200.298.596/01 en 200.298.596/02 van het gerechtshof Den Haag van 22 juni 2022.
De man heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De vrouw heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G. Snijders strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de man heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de president G. de Groot als voorzitter en de raadsheren G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op
24 maart 2023.