ECLI:NL:HR:2023:516
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in zaak over kosten van vervolging
Belanghebbende heeft bij de Hoge Raad beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 1 maart 2022, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland inzake aan hem in rekening gebrachte kosten van vervolging heeft behandeld.
De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten van belanghebbende beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. Omdat de klachten geen vragen opriepen die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, was een nadere motivering niet vereist op grond van artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad besloten dat er geen aanleiding is om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten van het cassatieberoep.
Het arrest is op 31 maart 2023 gewezen door de raadsheren Wortel (voorzitter), Cools en Van der Voort Maarschalk, en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is ongegrond verklaard en het arrest van het hof blijft in stand.