Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
4.Beslissing
18 april 2023.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De zaak betreft een tantramasseur die werd veroordeeld voor ontucht met zes vrouwelijke cliënten tijdens tantrasessies in zijn praktijk. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van dertig maanden, waarvan tien maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
In cassatie klaagde de verdachte over de overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM Pro, omdat stukken te laat door het hof waren ingezonden en de Hoge Raad pas na meer dan twee jaar na het instellen van het cassatieberoep uitspraak deed.
De Hoge Raad achtte deze klacht gegrond en besloot de opgelegde gevangenisstraf te verminderen tot 29 maanden en 1 week, waarvan tien maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Voor het overige werd het cassatieberoep verworpen, en de klachten over het vonnis van het hof werden niet gegrond verklaard.
Het arrest bevestigt dat de overschrijding van de redelijke termijn een reden kan zijn voor strafvermindering, ook in ernstige strafzaken zoals ontucht met cliënten in een zorgrelatie. De overige inhoudelijke klachten van de verdachte en de benadeelde partij werden niet behandeld omdat deze geen aanleiding gaven tot vernietiging van het hofarrest.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot 29 maanden en 1 week wegens overschrijding van de redelijke termijn; het overige beroep wordt verworpen.