Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de cassatiemiddelen
3.Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof
4.Beslissing
23 mei 2023.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze strafzaak gaat het om een liquidatie in het criminele milieu uit 2015 waarbij de verdachte werd veroordeeld voor medeplegen en voorbereiding van moord. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden legde een gevangenisstraf van tien jaar op. De verdachte stelde cassatieberoep in tegen dit arrest.
De Hoge Raad beoordeelde verschillende klachten, waaronder het gebruik van Ennetcom-data als bewijs, de afwijzing van een getuigenverzoek wegens onvindbaarheid, en de redelijke termijn in hoger beroep. De klachten konden niet leiden tot vernietiging van het arrest, zodat de Hoge Raad deze niet inhoudelijk hoefde te motiveren.
Wel stelde de Hoge Raad ambtshalve vast dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro was overschreden, aangezien meer dan zestien maanden waren verstreken sinds het instellen van het cassatieberoep. Dit leidde tot vermindering van de opgelegde gevangenisstraf van tien jaar naar negen jaar en elf maanden.
De Hoge Raad vernietigde daarom uitsluitend het deel van het arrest dat de strafduur betrof en verwierp het beroep voor het overige. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president J. de Hullu en raadsheren A.L.J. van Strien en T. Kooijmans op 23 mei 2023.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd van tien jaar naar negen jaar en elf maanden wegens overschrijding van de redelijke termijn.