Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de cassatiemiddelen
3.Beslissing
27 juni 2023.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De zaak betreft een poging tot moord waarbij verdachte met een vuurwapen meerdere keren in de richting van het slachtoffer schoot, waarbij het slachtoffer in de buik, rug en borst werd geraakt. Het gerechtshof Den Haag heeft verdachte veroordeeld en het beroep in cassatie richtte zich onder meer op bewijsklachten, een alternatief scenario, voorbedachte raad en de betrouwbaarheid van verklaringen van de aangever.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep beoordeeld en geoordeeld dat de klachten niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om inhoudelijk op alle vragen in te gaan, omdat deze niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
Het arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter en raadsheren J.C.A.M. Claassens en A.E.M. Röttgering, en het beroep is verworpen. Hiermee blijft het vonnis van het gerechtshof in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof Den Haag wordt bevestigd.