ECLI:NL:HR:2023:906
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verschuldigdheid van griffierecht en een betalingstermijn van vier weken gesteld. Hoewel de brief is ontvangen, is het griffierecht niet betaald.
De Hoge Raad heeft belanghebbende vervolgens in de gelegenheid gesteld om te verklaren waarom het griffierecht niet was voldaan, maar hier is geen gebruik van gemaakt. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb wordt het beroep in cassatie daarom niet-ontvankelijk verklaard.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten. Het arrest is gewezen door de raadsheren Feteris, Faase en Van Eijsden en op 9 juni 2023 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.