Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2023:976

Hoge Raad

Datum uitspraak
27 juni 2023
Publicatiedatum
23 juni 2023
Zaaknummer
21/03354
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6 lid 1 EVRMArt. 26.1 WWMArt. 440 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak medeplegen voorhanden hebben wapens en munitie, strafvermindering wegens termijnoverschrijding

De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch waarin verdachte werd veroordeeld voor medeplegen van het voorhanden hebben van een omgebouwd alarmpistool met munitie en een pistoolmitrailleur in zijn auto.

De verdediging voerde onder meer een bewijsuitsluiting aan, waarna de rechtbank vrijspraak gaf. Het hof oordeelde echter dat het niet anders kon zijn dan dat verdachte zich bewust was van de wapens en munitie in zijn auto, mede gelet op de vondst onder de bijrijdersstoel en het DNA-materiaal van verdachte op een wapen.

De Hoge Raad verwierp het cassatiemiddel dat de bewezenverklaring aanvalt en bevestigde dat het hof zijn oordeel voldoende motiveerde en dat bewijs van rechtstreeks contact niet vereist is voor bewezenverklaring van voorhanden hebben.

Wel werd het cassatiemiddel gegrond verklaard dat de redelijke termijn was overschreden doordat stukken te laat werden ingezonden, wat leidde tot een vermindering van de opgelegde gevangenisstraf van 243 naar 231 dagen.

De Hoge Raad vernietigde het hofarrest uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging en wees de strafvermindering toe, het beroep werd verder verworpen.

Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling voor medeplegen voorhanden hebben wapens en munitie en vermindert de straf wegens overschrijding van de redelijke termijn tot 231 dagen gevangenisstraf.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer21/03354
Datum27 juni 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 30 juli 2021, nummer 20-002552-18, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1981,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de strafoplegging, tot zodanige op art. 440 Sv Pro gebaseerde beslissing als de Hoge Raad gepast zal voorkomen en tot verwerping van het beroep voor het overige.

2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt in de kern over de bewezenverklaring van het medeplegen van het voorhanden hebben van wapens en munitie.
2.2
Het cassatiemiddel leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 4 tot en met 16.

3.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel

3.1
Het cassatiemiddel klaagt dat in de cassatiefase de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 lid 1 van Pro het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden is overschreden omdat de stukken te laat door het hof zijn ingezonden.
3.2
Het cassatiemiddel is gegrond. Dit moet leiden tot vermindering van de opgelegde gevangenisstraf van 243 dagen.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof, maar uitsluitend wat betreft de duur van de opgelegde gevangenisstraf;
- vermindert deze in die zin dat deze 231 dagen beloopt;
- verwerpt het beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
27 juni 2023.