ECLI:NL:HR:2024:101
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verplichting tot betaling van griffierecht en een termijn van vier weken gesteld. Deze brief is afgeleverd op het opgegeven adres van belanghebbende.
Het griffierecht is niet betaald. Vervolgens heeft de griffier belanghebbende op 7 november 2023 een bericht gestuurd via het digitale dossier met de mogelijkheid om een verklaring te geven voor het niet betalen van het griffierecht. Deze kennisgeving is ook per e-mail verzonden en is geacht ontvangen te zijn.
Belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van deze gelegenheid. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en spreekt het arrest uit op 26 januari 2024.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van griffierecht.