ECLI:NL:HR:2024:1190
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake naheffingsaanslag omzetbelasting
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 22 november 2022, waarin het hof het hoger beroep behandelde tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland over een naheffingsaanslag omzetbelasting over de periode 2012-2013, inclusief een boetebeschikking en een beschikking inzake belastingrente.
De Hoge Raad heeft de ingediende klachten van belanghebbende beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. Gelet op artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, was het niet nodig om de motivering van dit oordeel nader toe te lichten, omdat de klachten niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Hiermee blijft het oordeel van het hof in stand en is de naheffingsaanslag met boete en belastingrente definitief bevestigd.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam blijft in stand.