ECLI:NL:HR:2024:1200
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake belastingheffing personenauto’s en motorrijwielen
Belanghebbende, een besloten vennootschap, stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch betreffende door haar betaalde belasting op personenauto’s en motorrijwielen. De zaak betrof de beoordeling van de door belanghebbende op aangifte voldane bedragen.
De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. Gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie was het niet nodig om de klachten inhoudelijk te motiveren of om vragen van belang voor de rechtsontwikkeling te beantwoorden.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest werd in het openbaar uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad op 13 september 2024.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.