ECLI:NL:HR:2024:1378

Hoge Raad

Datum uitspraak
4 oktober 2024
Publicatiedatum
3 oktober 2024
Zaaknummer
23/00992
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt beroep tegen arrest over aansprakelijkheid netbeheerder voor onjuiste mededeling

In deze zaak hebben [eiseressen] B.V.'s cassatieberoep ingesteld tegen Enexis Netbeheer B.V. betreffende de vraag of de netbeheerder aansprakelijk is voor een onjuiste mededeling aan een aannemer over de afname van investeringen in het netwerk en de vraag naar het type werkzaamheden die de aannemer uitvoert.

De zaak is in eerdere instanties behandeld, waarbij de rechtbank Oost-Brabant en het gerechtshof 's-Hertogenbosch uitspraken deden. De Hoge Raad verwijst naar deze eerdere vonnissen en arresten voor het procesverloop. De advocaat-generaal heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep moet worden verworpen.

De Hoge Raad heeft de klachten van de eiseressen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad acht het niet nodig om de motivering te geven, omdat de beoordeling geen vragen betreft die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 RO Pro.

De Hoge Raad verwerpt het beroep en veroordeelt de eiseressen in de kosten van het cassatiegeding, begroot op €14.229 aan verschotten en €2.200 aan salaris. Het arrest is gewezen door vijf raadsheren en in het openbaar uitgesproken door een zesde raadsheer.

Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseressen wordt verworpen en zij worden veroordeeld in de kosten van het geding.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer23/00992
Datum4 oktober 2024
ARREST
In de zaak van
1. [eiseres 1] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
2. [eiseres 2] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERESSEN tot cassatie,
hierna gezamenlijk: [eiseressen],
advocaat: T.E. Booms,
tegen
ENEXIS NETBEHEER B.V.,
gevestigd te 's-Hertogenbosch,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Enexis,
advocaten: H. Boom en R.P.J.L. Tjittes.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/01/333671 / HA ZA 18-302 van de rechtbank Oost-Brabant van 15 mei 2019 en 30 september 2020;
b. het arrest in de zaak 200.290.313/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 13 december 2022.
[eiseressen] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Enexis heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor Enexis mede door N. Thorborg.
De conclusie van de Advocaat-Generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiseressen] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiseressen] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Enexis begroot op € 14.229,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
4 oktober 2024.