ECLI:NL:HR:2024:139
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende heeft bij de Hoge Raad beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende op 20 oktober 2023 per aangetekende brief gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht en een termijn van vier weken gesteld voor betaling.
De brief is afgeleverd op het opgegeven adres, maar het griffierecht is niet voldaan. Vervolgens heeft de griffier op 21 november 2023 een bericht in het digitale dossier van belanghebbende geplaatst met de mogelijkheid om te reageren op de niet-betaling. Deze kennisgeving is ook per e-mail verzonden en geacht te zijn ontvangen op die datum.
Belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om te reageren. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd. Het arrest is uitgesproken op 2 februari 2024 door raadsheren Punt, Fierstra en Cools.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.