ECLI:NL:HR:2024:1439
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak
In deze zaak heeft belanghebbende beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Limburg van 30 mei 2024, betreffende het verzet tegen een uitspraak van 22 mei 2023. De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het cassatieberoep beoordeeld en daarbij het advies van de procureur-generaal betrokken.
De Hoge Raad heeft geoordeeld dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen en heeft daarom zonder verdere motivering het beroep niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Het arrest is op 11 oktober 2024 in het openbaar uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad. Hiermee komt een einde aan de procedure in cassatie in deze belastingrechtelijke bestuursrechtelijke zaak.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende is niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.