ECLI:NL:HR:2024:1445
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in belastingrechtelijke zaak
Belanghebbende, een besloten vennootschap, stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland inzake een belastingrechtelijk geschil. De zaak betrof het verzet van belanghebbende tegen een eerdere uitspraak van de Rechtbank.
De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten van belanghebbende beoordeeld, maar geoordeeld dat deze niet tot vernietiging van de bestreden uitspraak kunnen leiden. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel nader toe te lichten, aangezien de vragen niet relevant zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten aan de wederpartij toe te wijzen. Het arrest is op 11 oktober 2024 in het openbaar uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard.