Uitspraak
1.Geding in cassatie
De Staatssecretaris, vertegenwoordigd door [P], heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.
De Minister van Justitie en Veiligheid heeft schriftelijk gereageerd op het hiervoor bedoelde verzoek en zich gerefereerd aan het oordeel van de Hoge Raad.
2.Beoordeling van de middelen
3.Overschrijding van de redelijke termijn in de cassatieprocedure
De Hoge Raad ziet echter geen aanleiding om aan deze overschrijding het door belanghebbende verzochte gevolg te verbinden, omdat het financiële belang bij deze cassatieprocedure minder dan € 1.000 bedraagt. Naar aanleiding van het verzoek wordt vanwege deze bijzondere omstandigheid volstaan met de constatering dat de redelijke termijn is overschreden. [2]