ECLI:NL:HR:2024:1587
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak
Belanghebbende, een B.V., stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 19 maart 2024. De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het cassatieberoep beoordeeld en de klachten van belanghebbende onderzocht. Na advies van de procureur-generaal heeft de Hoge Raad geoordeeld dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen.
Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft de Hoge Raad het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk verklaard. De Hoge Raad heeft om redenen van proceseconomie niet beslist over de vraag of het onbetaald laten van het griffierecht verschoonbaar is vanwege betalingsonmacht.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten. Het arrest is op 8 november 2024 in het openbaar gewezen door de vice-president en twee raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.