Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
3.Beslissing
26 november 2024.
Hoge Raad
De zaak betreft een beklag over het beslag op een personenauto die niet op de klager stond geregistreerd, een zogenaamd spookvoertuig. Het openbaar ministerie gaf daarop een last tot teruggave van de auto aan de rechtmatige eigenaar, een ander dan de klager. De rechtbank verklaarde het klaagschrift van de klager niet-ontvankelijk omdat het beslag inmiddels was beëindigd.
De klager had verzocht om aanhouding van de behandeling van het klaagschrift vanwege zijn detentie, maar de rechtbank besloot hier niet op. De Hoge Raad oordeelt dat het ontbreken van een beslissing op dit verzoek geen strijd oplevert met de goede procesorde en geen reden is voor vernietiging.
De Hoge Raad volgt de conclusie van de advocaat-generaal dat de klager geen belang had bij het beklag aangezien het beslag op het moment van de beslissing was beëindigd. Hierdoor kan het cassatieberoep niet in behandeling worden genomen en wordt het beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de klager wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van belang bij het beklag.