ECLI:NL:HR:2024:1713
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Belanghebbende, een vennootschap onder firma, stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 15 november 2023. De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het beroep beoordeeld en vastgesteld dat het griffierecht niet is voldaan ondanks een aangetekende aanmaning en een termijn van vier weken.
De griffier heeft belanghebbende op 6 september 2024 schriftelijk gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en een termijn gesteld voor betaling. Na het uitblijven van betaling is op 8 oktober 2024 een bericht in het digitale dossier geplaatst met de mogelijkheid tot het geven van een reactie, waarvan belanghebbende op grond van artikel 8:36c, lid 2, Awb geacht wordt kennis te hebben genomen.
Belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van deze gelegenheid om te reageren of het griffierecht alsnog te voldoen. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er is geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Het arrest is op 22 november 2024 in het openbaar gewezen door de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.