Uitspraak
1.Procesverloop
De advocaat van de man heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
22 november 2024.
Hoge Raad
In deze civiele zaak heeft de man cassatieberoep ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 5 september 2023, waarin een geschil over de uitleg van een opgelegde dwangsom centraal stond. De vrouw is in cassatie verstek verleend. De Hoge Raad verwijst naar eerdere vonnissen van de rechtbank Zeeland-West-Brabant en het arrest van het hof voor het gedingverloop in de lagere instanties.
De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep moet worden verworpen, een standpunt dat door de raadsman van de man schriftelijk is beantwoord. De Hoge Raad heeft de klachten van de man beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. Daarbij is geen motivering gegeven, omdat beantwoording van de klachten niet noodzakelijk is voor de rechtsontwikkeling of eenheid van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft het beroep verworpen en de man veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding, die aan de zijde van de vrouw nihil zijn begroot. Het arrest is gewezen door vicepresident Kroeze als voorzitter en raadsheren Wattendorff en ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door raadsheer ter Heide op 22 november 2024.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de man wordt verworpen en hij wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.