ECLI:NL:HR:2024:1745

Hoge Raad

Datum uitspraak
29 november 2024
Publicatiedatum
27 november 2024
Zaaknummer
24/00592
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Artikel 80a RO-zaken
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 80a Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in zaak over WOZ-beschikking en OZB-aanslag 2021

Belanghebbende heeft tegen een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ) en een aanslag onroerendezaakbelastingen (OZB) voor het jaar 2021 beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. Dit betrof een geschil met het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Rhenen.

De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het beroep beoordeeld en geconstateerd dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie (RO) is het beroep daarom zonder verdere motivering niet-ontvankelijk verklaard.

De procureur-generaal heeft een advies uitgebracht en de Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad en op 29 november 2024 in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard zonder verdere motivering.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer24/00592
Datum29 november 2024
ARREST
in de zaak van
[X] (hierna: belanghebbende)
tegen
het COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE RHENEN
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 9 januari 2024, nr. BK-ARN 22/1101 [1] , op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Midden-Nederland (nr. UTR 21/2885) betreffende een ten aanzien van belanghebbende gegeven beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken en een aanslag in de onroerendezaakbelastingen voor het jaar 2021.

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het Hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen.
De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2.Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter, en de raadsheren M.T. Boerlage en A.E.H. van der Voort Maarschalk, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 29 november 2024.