Uitspraak
1.Procesverloop
2.Uitgangspunten en feiten
In de ontstane verhouding van partijen komen zowel de zakelijke schulden als de later ontstane privéschuld volledig voor rekening van [de man]”. Dat is inderdaad het geval, maar betekent niet dat [de man] en [de vrouw] niet hoofdelijk verbonden zijn jegens de Rabobank. Het lijkt erop dat [de vrouw] hier de interne verhouding tussen beide hoofdelijk verbonden schuldenaren ([de vrouw] en [de man]) verwart met de externe verhouding van die schuldenaren tot de schuldeiser (Rabobank).
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
20 december 2024.