ECLI:NL:HR:2024:243
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak over aanslagen inkomstenbelasting
Belanghebbende heeft in hoger beroep bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden bezwaar gemaakt tegen de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over de jaren 2014, 2015 en 2016, alsmede de daarbij gegeven beschikkingen inzake belastingrente. Het hof heeft uitspraak gedaan op 25 april 2023, waarna belanghebbende beroep in cassatie instelde bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep beoordeeld en gelet op de inhoudelijke klachten geconcludeerd dat het beroep duidelijk niet kan slagen. Daarom heeft de Hoge Raad gebruikgemaakt van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren.
Daarnaast heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten aan belanghebbende op te leggen. Het arrest is op 16 februari 2024 in het openbaar gewezen door de Hoge Raad, waarbij de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter en de raadsheren J. Wortel en A.E.H. van der Voort Maarschalk betrokken waren.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.