ECLI:NL:HR:2024:253
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Het beroepschrift werd echter niet binnen de in artikel 6:7 Awb Pro gestelde termijn van zes weken ingediend; de termijn eindigde op 5 oktober 2023, terwijl het beroepschrift op 8 oktober 2023 werd ontvangen.
De Hoge Raad gaf belanghebbende vervolgens de gelegenheid om binnen vier weken na 3 november 2023 toe te lichten waarom de termijn was overschreden. Deze termijn eindigde op 1 december 2023, maar belanghebbende maakte hier geen tijdig gebruik van. Een brief die op 4 december 2023 werd ingediend, werd buiten beschouwing gelaten.
Daarom verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er werd geen veroordeling in proceskosten opgelegd. Dit arrest werd uitgesproken op 16 februari 2024 door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn zonder tijdige toelichting.