ECLI:NL:HR:2024:485
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake dividendbelastingbeschikkingen
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 24 mei 2023, waarin het hof uitspraak deed over hoger beroep tegen uitspraken van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant betreffende beschikkingen inzake dividendbelasting.
De Staatssecretaris van Financiën heeft verweer gevoerd en de Advocaat-Generaal concludeerde tot ongegrondverklaring van het cassatieberoep. Belanghebbende heeft hier schriftelijk op gereageerd.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. Gezien het ontbreken van vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, is geen nadere motivering vereist.
De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest is op 22 maart 2024 in het openbaar gewezen door de vice-president en raadsheren van de belastingkamer.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.