ECLI:NL:HR:2024:685
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak over naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en boete
Belanghebbende heeft tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden beroep in cassatie ingesteld. Het geschil betreft een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en een daarbij opgelegde boetebeschikking over de periode van 30 maart 2016 tot en met 14 oktober 2020.
De Hoge Raad heeft de ingediende klachten beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van zijn oordeel te geven, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Daarnaast heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 26 april 2024.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het hofarrest blijft in stand.