Uitspraak
1.Procesverloop
De advocaat van de vader heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
24 mei 2024.
Hoge Raad
In deze zaak heeft de vader cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof Amsterdam betreffende een bevel tot terugverhuizing van de moeder en het kind. De moeder woont in Portugal en was verweerster in cassatie. De Raad voor de Kinderbescherming was niet verschenen in de procedure.
De Hoge Raad heeft de klachten van de vader over het hofbesluit beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet tot vernietiging kunnen leiden. De Hoge Raad heeft daarbij geen nadere motivering gegeven, omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De advocaat-generaal had geadviseerd het cassatieberoep te verwerpen, waarop de advocaat van de vader schriftelijk had gereageerd. Uiteindelijk heeft de Hoge Raad het beroep verworpen en de beschikking van het hof in stand gelaten.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het hofbesluit over de terugverhuizing van moeder en kind.