ECLI:NL:HR:2024:84
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak
In deze zaak heeft X beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak op verzet van de Rechtbank Limburg van 8 mei 2023. De Hoge Raad heeft het beroep inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen.
Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft de Hoge Raad besloten het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren. Dit betekent dat het beroep niet inhoudelijk wordt behandeld omdat het evident ongegrond is.
De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen, hetgeen heeft bijgedragen aan het oordeel van de Hoge Raad. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om de proceskosten aan X op te leggen.
Het arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter en de raadsheren J. Wortel en A.E.H. van der Voort Maarschalk, en is op 26 januari 2024 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard zonder proceskostenveroordeling.