Uitspraak
1.Procesverloop
2.Uitgangspunten en feiten
3.Beoordeling van de ontvankelijkheid van [eisers 1 t/m 3] en [eiseres 4]
4.Beoordeling van het middel
Bijrijders-arrest [5] niet van toepassing is. Volgens het onderdeel heeft het hof miskend dat die uitspraak ook van toepassing is in het onderhavige geval waarin het gaat om minder ernstige fraude, die niet gericht was op het ongeval zelf en het verkrijgen van schadevergoeding, maar op het te naam stellen en verzekeren van de auto zodat zij niet onverzekerd zou rijden.
Matmut– die vergelijkbaar is met de onderhavige zaak – heeft het HvJEU geoordeeld dat het feit dat de verzekeringnemer op het tijdstip van het verkeersongeval als inzittende in het betrokken voertuig had plaatsgenomen, geen invloed heeft op zijn hoedanigheid van derde die het slachtoffer is van een ongeval in de zin van art. 13 lid Pro 1, eerste alinea, WAM-richtlijn en dat de omstandigheid dat de verzekeringsovereenkomst was gesloten op basis van omissies of onjuiste verklaringen van de verzekeringnemer, geen uitzondering rechtvaardigt op de verplichting van de verzekeringsmaatschappij tot schadeloosstelling. [10]
Matmutvolgt dat uitkering in een geval als het onderhavige alleen kan worden geweigerd indien sprake is van misbruik van Unierecht. Toepassing van Unierechtelijke bepalingen moet worden geweigerd indien zij door een persoon niet worden ingeroepen ter verwezenlijking van de doelstellingen van deze bepalingen, maar om een Unierechtelijk voordeel te verkrijgen terwijl enkel formeel voldaan is aan de Unierechtelijke voorwaarden om op dit voordeel aanspraak te kunnen maken. [12] Voor bewijs dat sprake is van zodanig misbruik is volgens vaste rechtspraak van het HvJEU vereist:
Matmutheeft het HvJEU over het objectieve vereiste het volgende overwogen:
Matmuthet volgende overwogen:
Matmuteen verzekering ook zonder de onjuiste verklaringen tot stand zou zijn gekomen, levert voor de beoordeling of sprake is van misbruik geen relevant verschil op met de onderhavige zaak. Het afleggen van opzettelijk onjuiste verklaringen met als doel om te bewerkstelligen dat een WAM-verzekering tot stand komt, volstaat niet om te voldoen aan het subjectieve vereiste voor misbruik van Unierecht.
5.Beslissing
4 juli 2025.