ECLI:NL:HR:2025:1198

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 juli 2025
Publicatiedatum
18 juli 2025
Zaaknummer
25/01062
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Artikel 80a RO-zaken
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 80a Wet op de rechterlijke organisatie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in belastingzaak over aanslag 2020

Belanghebbende stelde in hoger beroep bezwaar tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over het jaar 2020 en de daarbij behorende beschikking inzake belastingrente. Na een uitspraak van de Rechtbank Den Haag werd het hoger beroep behandeld door het Gerechtshof Den Haag. Belanghebbende wendde zich vervolgens tot de Hoge Raad met een cassatieberoep.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep inhoudelijk beoordeeld en geconstateerd dat het beroep duidelijk niet kan slagen. Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie maakte de Hoge Raad daarom gebruik van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren.

Er werd geen veroordeling in de proceskosten opgelegd. Het arrest werd uitgesproken door de raadsheren Feteris, van der Voort Maarschalk en van Roij op 18 juli 2025. Hiermee is het geschil over de aanslag 2020 definitief afgesloten.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard zonder verdere motivering.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer25/01062
Datum18 juli 2025
ARREST
in de zaak van
[X] (hierna: belanghebbende)
tegen
de STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 19 maart 2025, nr. BK-24/249 [1] , op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag (nr. SGR 22/4759) betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2020 opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en de daarbij gegeven beschikking inzake belastingrente.

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het Hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2.Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer M.W.C. Feteris als voorzitter, en de raadsheren A.E.H. van der Voort Maarschalk en W.A.P. van Roij, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 18 juli 2025.