ECLI:NL:HR:2025:1292
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en een termijn van vier weken gesteld voor betaling. Hoewel de brief is ontvangen, is het griffierecht niet betaald.
De Hoge Raad heeft belanghebbende vervolgens in de gelegenheid gesteld om te reageren op het niet betalen van het griffierecht, maar belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van deze mogelijkheid. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb wordt het beroep in cassatie daarom niet-ontvankelijk verklaard.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 12 september 2025.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.