ECLI:NL:HR:2025:1336
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende, een B.V., heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verplichting tot betaling van griffierecht en een termijn van vier weken gesteld voor betaling.
De brief is volgens Track&Trace afgeleverd op het opgegeven adres, maar het griffierecht is niet betaald. Vervolgens heeft de griffier op 8 juli 2025 een bericht in het digitale dossier geplaatst en een kennisgeving verzonden naar het e-mailadres van belanghebbende, waarin werd gevraagd om een verklaring voor het niet betalen van het griffierecht.
Belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van deze gelegenheid. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd. Het arrest is uitgesproken op 19 september 2025 door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.