ECLI:NL:HR:2025:138

Hoge Raad

Datum uitspraak
4 februari 2025
Publicatiedatum
28 januari 2025
Zaaknummer
23/02484
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416.2 SvArt. 417bis.1 Sr
Verwijzingen
6 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad vernietigt niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens formele tekortkomingen

In deze strafzaak heeft de verdachte beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam waarin het hof het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaarde. Het hof baseerde deze niet-ontvankelijkverklaring op het ontbreken van een schriftuur houdende grieven in het hoger beroep en het feit dat het hof geen acht had geslagen op de inhoud van e-mailwisselingen tussen de raadsman en de strafgriffie.

De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van het bestreden arrest en terugwijzing van de zaak naar het hof Amsterdam voor een nieuwe berechting. De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte het hoger beroep niet-ontvankelijk had verklaard op grond van artikel 416, lid 2, Sv, mede gelet op de correspondentie tussen raadsman en griffie.

Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof en wijst de zaak terug, zodat het hof de zaak opnieuw kan behandelen en afdoen. De uitspraak is gedaan door de vice-president en raadsheren van de strafkamer van de Hoge Raad op 4 februari 2025.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en wijst de zaak terug voor hernieuwde behandeling.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer23/02484
Datum4 februari 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 20 juni 2023, nummer 23-000609-23, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M.A.M. Pijnenburg, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel keert zich tegen de niet-ontvankelijkverklaring door het hof van het door de verdachte ingestelde hoger beroep.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
4 februari 2025.