Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de cassatiemiddelen
3.Beslissing
9 december 2025.
Hoge Raad
Op 9 december 2025 heeft de Hoge Raad der Nederlanden uitspraak gedaan in een cassatiezaak met nummer 24/03210. De zaak betreft een beklag over het beslag op een personenauto, dat was gelegd in het kader van een verdenking van rijden met een ongeldig verklaard rijbewijs. De klaagster, geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1998, heeft een klaagschrift ingediend tegen de beschikking van de rechtbank Midden-Nederland van 22 juli 2024, nummer RK 24/012613. De advocaat P. van Dongen heeft namens de klaagster cassatiemiddelen voorgesteld. De advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de rechtbank beoordeeld en geconcludeerd dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad heeft geen verdere motivering gegeven, aangezien het niet nodig was om vragen te beantwoorden die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht, zoals vermeld in artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie. De Hoge Raad heeft het beroep op 9 december 2025 verworpen.