Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de cassatiemiddelen
3.Beslissing
9 december 2025.
Hoge Raad
De verdachte werd door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld wegens deelname aan een criminele organisatie die zich bezighield met grootschalige handel in en uitvoer van hennep en hasj. Tegen dit arrest stelde de verdachte cassatieberoep in bij de Hoge Raad. Namens de verdachte diende advocaat J.J.J. van Rijsbergen de cassatiemiddelen in, terwijl de advocaat-generaal V.M.A. Sinnige concludeerde tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad heeft de klachten van de verdachte over het gestructureerde samenwerkingsverband en de pleegperiode beoordeeld. Uit het arrest blijkt dat deze klachten niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad heeft geen nadere motivering gegeven, omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk is voor de rechtsontwikkeling of rechtseenheid, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
Uiteindelijk heeft de Hoge Raad het cassatieberoep verworpen en het arrest van het hof bekrachtigd. Hiermee blijft de veroordeling van de verdachte voor deelname aan de criminele organisatie ongewijzigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling voor deelname aan een criminele organisatie.