ECLI:NL:HR:2025:1842

Hoge Raad

Datum uitspraak
9 december 2025
Publicatiedatum
4 december 2025
Zaaknummer
24/02982
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3.C OpiumwetArt. 11b.1 OpiumwetArt. 11.3 OpiumwetArt. 11.5 OpiumwetArt. 3.B Opiumwet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatie in zaak medeplegen en deelname criminele organisatie hennephandel

De verdachte werd door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld wegens medeplegen, het aanwezig hebben van hennep, deelname aan een criminele organisatie gericht op grootschalige hennep- en hasjhandel, en het vervoeren van hasj. In cassatie stelde de verdachte meerdere klachten over de bewijsvoering en het niet horen van medeverdachten als getuigen.

De Hoge Raad heeft deze klachten beoordeeld en geoordeeld dat het hof met voldoende nauwkeurigheid de feiten en omstandigheden heeft aangeduid en wettige bewijsmiddelen heeft gebruikt. Tevens oordeelde het hof terecht dat de bijdrage van de verdachte aan de criminele organisatie van voldoende duur en intensiteit was.

Het verzoek tot het horen van medeverdachten werd afgewezen omdat onduidelijk was welke ontlastende feiten deze zouden verklaren. De Hoge Raad zag geen reden tot vernietiging van het arrest en verwerpt het cassatieberoep zonder nadere motivering, conform artikel 81 lid 1 RO Pro.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling van verdachte voor medeplegen en deelname aan een criminele henneporganisatie.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer24/02982
Datum9 december 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 25 juli 2024, nummer 20-001854-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1999,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat W.R. Jonk bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
9 december 2025.