ECLI:NL:HR:2025:1987

Hoge Raad

Datum uitspraak
19 december 2025
Publicatiedatum
19 december 2025
Zaaknummer
25/02652
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht

Bartels Consultancy B.V. stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 8 juli 2025. De griffier van de Hoge Raad wees Bartels bij aangetekende brief op 5 september 2025 op de verplichting tot betaling van het griffierecht en stelde een termijn van vier weken hiervoor. Hoewel de brief volgens Track&Trace was ontvangen, werd het griffierecht niet betaald.

Vervolgens ontving Bartels op 6 oktober 2025 een tweede aangetekende brief waarin zij werd verzocht te verklaren waarom het griffierecht niet was voldaan. Ook deze brief werd volgens Track&Trace ontvangen, maar Bartels maakte geen gebruik van deze gelegenheid.

Op grond van artikel 8:41, lid 6, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. De Hoge Raad zag geen aanleiding om Bartels te veroordelen in de proceskosten. Het arrest werd op 19 december 2025 openbaar uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.

Uitkomst: Het beroep in cassatie van Bartels Consultancy B.V. wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer25/02652
Datum19 december 2025
ARREST
op het door BARTELS CONSULTANCY B.V. ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 8 juli 2025, nrs. BK-ARN 24/1395 tot en met 24/1399.

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De griffier van de Hoge Raad heeft Bartels Consultancy B.V. (hierna: Bartels) bij aangetekende brief van 5 september 2025 gewezen op de verschuldigdheid van griffierecht en voor de betaling daarvan een termijn van vier weken gesteld. Deze brief is volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL afgehaald op de afhaallocatie. Het griffierecht is niet voldaan.
De griffier van de Hoge Raad heeft Bartels bij aangetekende brief van 6 oktober 2025 in de gelegenheid gesteld mee te delen waarom het griffierecht niet is betaald. Deze brief is volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL afgehaald op de afhaallocatie. Bartels heeft van deze gelegenheid geen gebruikgemaakt. Het beroep in cassatie moet daarom op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb niet-ontvankelijk worden verklaard.

2.Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter, en de raadsheren M.T. Boerlage en W.A.P. van Roij, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier J.P.J. van Kampen, en in het openbaar uitgesproken op 19 december 2025.