ECLI:NL:HR:2025:1991
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Bartels Consultancy B.V. stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van dit beroep beoordeeld. De griffier stuurde Bartels Consultancy B.V. op 5 september 2025 een aangetekende brief met de mededeling dat het griffierecht binnen vier weken betaald moest worden. Deze brief werd door Bartels afgehaald, maar het griffierecht werd niet voldaan.
Op 6 oktober 2025 ontving Bartels Consultancy B.V. een tweede aangetekende brief waarin zij werd verzocht aan te geven waarom het griffierecht niet was betaald. Ook deze brief werd afgehaald, maar Bartels maakte geen gebruik van deze gelegenheid. Op grond van artikel 8:41, lid 6, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om Bartels Consultancy B.V. te veroordelen in de proceskosten. Het arrest werd uitgesproken op 19 december 2025 door de vice-president en twee raadsheren van de Hoge Raad, in aanwezigheid van de waarnemend griffier.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van Bartels Consultancy B.V. wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.