ECLI:NL:HR:2025:238
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in zaak over Algemene Nabestaandenwet
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 5 juni 2024, die op haar beurt het hoger beroep behandelde tegen een uitspraak van de Rechtbank Amsterdam betreffende een besluit van de Sociale verzekeringsbank op grond van de Algemene Nabestaandenwet (Anw).
De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het cassatieberoep beoordeeld en daarbij ook het advies van de procureur-generaal betrokken. Gezien de aard van de klachten en de inhoud van de eerdere uitspraken heeft de Hoge Raad geoordeeld dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen.
Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft de Hoge Raad daarom het beroep zonder nadere motivering niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd. Het arrest is op 14 februari 2025 in het openbaar uitgesproken door de Hoge Raad, zittende in de samenstelling met vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter en raadsheren M.T. Boerlage en A.E.H. van der Voort Maarschalk.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.