ECLI:NL:HR:2025:34
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake onroerendezaakbelasting gemeente Deventer
Belanghebbenden hebben beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, die op haar beurt het hoger beroep behandelde tegen een beschikking van de gemeente Deventer inzake de Wet waardering onroerende zaken en een aanslag onroerendezaakbelasting over 2021.
De Hoge Raad heeft de ingediende klachten beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof. Daarbij heeft de Hoge Raad geen motivering gegeven omdat beantwoording van de klachten niet noodzakelijk was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten aan de zijde van belanghebbenden toe te wijzen. Het arrest is op 10 januari 2025 in het openbaar gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
De uitspraak bevestigt daarmee de eerdere beslissingen van de lagere rechterlijke instanties en laat de aanslag en beschikking van de gemeente Deventer ongewijzigd in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van het hof bevestigd.