ECLI:NL:HR:2025:343
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende, een B.V., stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag. De griffier van de Hoge Raad wees belanghebbende bij aangetekende brief op de verplichting tot betaling van griffierecht en stelde een termijn van vier weken voor betaling.
De brief werd volgens Track&Trace bezorgd, maar het griffierecht werd niet voldaan. Op 3 januari 2025 plaatste de griffier een bericht in het digitale dossier van belanghebbende, waarin deze werd uitgenodigd om een verklaring te geven voor het niet betalen. Ook werd een kennisgeving hiervan per e-mail verzonden.
Belanghebbende maakte geen gebruik van deze gelegenheid. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. De Hoge Raad zag geen aanleiding voor veroordeling in de proceskosten en sprak het arrest uit op 28 februari 2025.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.