ECLI:NL:HR:2025:40
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
De zaak betreft een beroep in cassatie ingesteld door R.A.A. van de Mortel tegen een uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 19 juni 2024. De Hoge Raad heeft onderzocht of het beroep ontvankelijk is. De indiener van het beroepschrift is meerdere keren schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van griffierecht, met een termijn van vier weken.
Ondanks deze aanmaningen is het griffierecht niet betaald en heeft de indiener geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om dit te verklaren. Op grond van artikel 8:41, lid 6, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het beroep daarom niet-ontvankelijk verklaard.
De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en heeft het arrest in het openbaar uitgesproken op 10 januari 2025. Hiermee is het cassatieberoep definitief afgewezen wegens procedurele niet-ontvankelijkheid.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.