Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
3.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
4.Beslissing
1 april 2025.
Hoge Raad
De verdachte is in hoger beroep veroordeeld voor medeplegen van brandstichting waarbij een auto met alle goederen uitbrandde. In cassatie werd de ontvankelijkheid van het beroep en de geldigheid van de oproeping voor de terechtzitting in hoger beroep aan de orde gesteld.
De Hoge Raad oordeelt dat de oproeping voor de terechtzitting in hoger beroep niet in persoon aan de verdachte is uitgereikt. Dit blijkt uit het ontbreken van overeenstemming van handtekeningen, het ontbreken van gegevens over het identiteitsbewijs op de akte van uitreiking, en de vermelding 'NP' (Niet in persoon). Hierdoor is de betekening van de oproeping nietig.
Omdat de oproeping niet geldig was betekend en de verdachte niet op de zitting is verschenen, terwijl geen omstandigheden van artikel 432.1.c Sv zijn gebleken, is het cassatieberoep ontvankelijk en moet de zaak worden terugverwezen naar het hof voor een nieuwe behandeling.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof Arnhem-Leeuwarden van 29 december 2022 en verklaart de betekening van de oproeping nietig. De zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling in hoger beroep.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest wegens nietige betekening oproeping en verwijst zaak terug naar hof.