ECLI:NL:HR:2025:68

Hoge Raad

Datum uitspraak
14 januari 2025
Publicatiedatum
10 januari 2025
Zaaknummer
23/03758
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 13.1 WWMArt. 26.1 WWMArt. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak bevestigd voor medeplegen en bezit van vuurwapens en munitie in loods

De zaak betreft een cassatieberoep tegen het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 14 september 2023, waarin verdachte werd veroordeeld voor medeplegen en het voorhanden hebben van een groot aantal automatische vuurwapens en munitie in een kantoorgedeelte van een loods. De verdachte was in eerste aanleg vrijgesproken.

De Hoge Raad heeft de ingediende cassatiemiddelen beoordeeld, waaronder klachten over de bewezenverklaring met betrekking tot een machinepistool Scorpion en andere wapens en munitie. De Hoge Raad oordeelt dat het hof zijn oordeel op begrijpelijke en niet onbegrijpelijke gronden heeft gebaseerd, onder meer op de locatie van de wapens, de aanwezigheid van verdachte in de loods en de vrij toegankelijke aard van de wapens.

De klachten leiden niet tot cassatie, mede omdat het hof de verklaringen van verdachte niet heeft gedenatureerd en de vergissing omtrent metadata van een foto niet afdoet aan de overige vaststellingen. De Hoge Raad verwerpt het beroep en bevestigt daarmee het arrest van het hof.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling van verdachte voor medeplegen en bezit van automatische vuurwapens en munitie.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer23/03758
Datum14 januari 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 14 september 2023, nummer 23-000978-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft P. Scholte, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het eerste en het tweede cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beoordeling van het derde en het vierde cassatiemiddel

3.1
De cassatiemiddelen klagen over de bewezenverklaring van de feiten 5 en 6.
3.2
De cassatiemiddelen leiden niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 5-7, 34-40 en 44-50.

4.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
14 januari 2025.