ECLI:NL:HR:2025:868

Hoge Raad

Datum uitspraak
10 juni 2025
Publicatiedatum
5 juni 2025
Zaaknummer
21/01027
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 552b SvArt. 33a lid 2 sub a SrArt. 94 Sv
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens onjuiste niet-ontvankelijkverklaring klaagschrift verbeurdverklaring

In deze zaak heeft de rechtbank Noord-Nederland het klaagschrift van de klager, ingediend op grond van artikel 552b van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk verklaard. De reden was dat het in beslag genomen voertuig inmiddels onherroepelijk verbeurd was verklaard in een strafzaak tegen de zus van de klager, waardoor volgens de rechtbank het verzoek niet meer toegewezen kon worden.

De Hoge Raad oordeelt echter dat deze niet-ontvankelijkverklaring onbegrijpelijk is. De rechtbank heeft miskend dat het in een beklagprocedure op grond van artikel 552b Sv juist gaat om de beoordeling of de klager als belanghebbende kan worden aangemerkt en of er grond bestaat voor herroeping van de verbeurdverklaring, mede gelet op artikel 33a lid 2 sub a Sr.

De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van de bestreden beschikking en terugwijzing naar de rechtbank voor een nieuwe behandeling en beslissing. De Hoge Raad volgt dit advies en vernietigt de beschikking, wijst de zaak terug en beveelt herbehandeling.

Deze uitspraak sluit aan bij eerdere jurisprudentie van de Hoge Raad (HR:2020:1370) betreffende de beoordeling van klaagschriften tegen verbeurdverklaringen.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring van het klaagschrift en wijst de zaak terug voor herbehandeling.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer21/01027 B
Datum10 juni 2025
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Noord-Nederland van 24 februari 2021, nummer RK 21/001089, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552b van het Wetboek van Strafvordering, ingediend
door
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1996,
hierna: de klager.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft de advocaat R. Schreudering bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot terugwijzing naar de rechtbank Noord-Nederland, opdat de zaak opnieuw wordt behandeld en afgedaan.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt dat de rechtbank ten onrechte het op grond van artikel 552b van het Wetboek van Strafvordering ingediende klaagschrift niet-ontvankelijk heeft verklaard.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de beschikking van de rechtbank;
- wijst de zaak terug naar de rechtbank Noord-Nederland, opdat de zaak opnieuw wordt behandeld en afgedaan.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
10 juni 2025.