ECLI:NL:HR:2025:869

Hoge Raad

Datum uitspraak
10 juni 2025
Publicatiedatum
5 juni 2025
Zaaknummer
24/01378
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 249.1 Sr (oud)Art. 342.2 Sv
Verwijzingen
7 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak fysiek contact en veroordeling voor sturen seksueel getinte beelden door leraar

In deze strafzaak stond een 50-jarige leraar terecht voor ontucht met een 16-jarige leerlinge. De rechtbank sprak verdachte vrij van fysiek contact, maar veroordeelde hem voor het sturen van seksueel getinte foto’s en video’s. In hoger beroep bevestigde het hof deze uitkomst en motiveerde zijn oordeel uitvoerig aan de hand van verklaringen, appgesprekken en getuigenverklaringen.

De verdachte stelde in cassatie onder meer dat het hof onrechtmatig bewijs gebruikte door zijn verklaring, waarin hij zich op zijn zwijgrecht had beroepen, toch mee te wegen. Ook voerde hij aan dat het bewijsminimum niet was gehaald en dat de verklaringen van de aangeefster onvoldoende werden ondersteund door ander bewijs. De Hoge Raad oordeelde dat deze klachten niet tot cassatie konden leiden, mede omdat het hof voldoende andere bewijsmiddelen had om de bewezenverklaring te dragen.

Het hof had vastgesteld dat verdachte en aangeefster intensief contact hadden via WhatsApp, waarbij verdachte meerdere seksueel getinte foto’s en video’s had gestuurd. Daarnaast waren er getuigenverklaringen die het contact bevestigden. Het hof vond de verklaringen van de aangeefster betrouwbaar en voldoende ondersteund. De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof en verwierp het cassatieberoep van verdachte.

De Hoge Raad handhaafde daarmee het arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 5 april 2024, waarin verdachte werd veroordeeld voor het sturen van seksueel getinte beelden, maar vrijgesproken voor fysiek contact met de minderjarige.

Uitkomst: Hoge Raad bevestigt veroordeling voor sturen seksueel getinte beelden en vrijspraak voor fysiek contact.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer24/01378
Datum10 juni 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 5 april 2024, nummer 20-002558-22, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1968,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat C.W.J. Faber bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

2.1
De cassatiemiddelen komen op tegen (de motivering van) de bewezenverklaring.
2.2
De bewezenverklaring, de bewijsvoering en de kwalificatie zijn weergegeven in de uitspraak van het hof, die is gepubliceerd op rechtspraak.nl onder ECLI:NL:GHSHE:2024:1161.
2.3
De cassatiemiddelen leiden niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
10 juni 2025.