ECLI:NL:HR:2026:1062
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in zaak over Werkloosheidswet-besluit
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep inzake een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op grond van de Werkloosheidswet. De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het cassatieberoep beoordeeld en gelet op de inhoudelijke klachten geconcludeerd dat het beroep duidelijk niet kan slagen.
De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft een advies uitgebracht, waarna de Hoge Raad heeft besloten het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie. Er is geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen.
Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 26 juni 2026. Hiermee is het cassatieberoep definitief afgewezen en blijft de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard en het besluit van de Centrale Raad van Beroep blijft in stand.