ECLI:NL:HR:2026:1199

Hoge Raad

Datum uitspraak
7 juli 2026
Publicatiedatum
6 juli 2026
Zaaknummer
24/03481
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416.2 SvArt. 36e.1.b.1 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens nietige betekening oproeping hoger beroep bij ontnemingsvordering

De betrokkene stelde beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 1 juli 2024, waarin een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel was behandeld. De kern van het cassatiemiddel betrof de geldigheid van de betekening van de oproeping voor de terechtzitting in hoger beroep.

De Hoge Raad oordeelde dat de oproeping niet rechtsgeldig was betekend, mede gelet op de inschrijving van de betrokkene in het bevolkingsregister op het briefadres. De Hoge Raad verwees daarbij naar een gelijktijdig arrest (ECLI:NL:HR:2026:1163) waarin de motieven voor deze beslissing nader zijn toegelicht.

Als gevolg van de nietigheid van de betekening vernietigde de Hoge Raad het arrest van het hof en wees de zaak terug naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden voor een nieuwe behandeling op het bestaande hoger beroep. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren tijdens een openbare terechtzitting op 7 juli 2026.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof wegens nietige betekening van de oproeping en wijst de zaak terug voor hernieuwde behandeling.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer24/03481 P
Datum7 juli 2026
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 1 juli 2024, nummer 21-001478-22, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1965,
hierna: de betrokkene.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft de advocaat J. Kuijper bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal P.H.P.H.M.C. van Kempen heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt onder meer over het oordeel van het hof dat de oproeping voor de terechtzitting in hoger beroep van 1 juli 2024 geldig is betekend (uitgereikt).
2.2
De klacht slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in het arrest dat de Hoge Raad vandaag heeft uitgesproken in de zaak 24/03482, ECLI:NL:HR:2026:1163. Dat brengt mee dat bespreking van het restant van het cassatiemiddel niet nodig is.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- verklaart de betekening van de oproeping voor de terechtzitting in hoger beroep van 1 juli 2024 nietig.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
7 juli 2026.